Korven ‘slachten’ en honing oogsten

Share this post

In dit uitgebreide artikel alles over het ‘slachten’ van de korven en over het oogsten van honing uit de korf. Mijn bedoeling was om een artikel te schrijven dat zeg maar gelijk op gaat met deze YouTube-video die ik tegelijkertijd met deze blog gepubliceerd heb. Ik ben lezers en kijkers bij voorbaat erkentelijk voor vragen, suggesties en opmerkingen. Ik zal ze verwerken als ik daar aanleiding toe zie, in de hoop dat er iets definitiefs ontstaat over dit onderwerp. Ik kan u slechts belonen met eeuwige roem.

Bij het transport van de heide naar de winterstalling heeft u er op toegezien dat u de korven achterover liggend, dus met het vlieggat omhoog, vervoerd heeft. In een auto of bestelbus kunt u zich veel meer veroorloven;  met een klotsend en wild over het asfalt stuiterend aanhangertje is het oppassen geblazen, omdat de zware honingraten kunnen losbreken van de kop van de korf, waardoor straks het leegbotsen niet meer lukt. Als de korven achterover liggen, dan rust het meeste gewicht op de grond, zodat er niets kan gebeuren.

Vervolgens laat u de korven zeker een week onaangeroerd op de thuisstand staan. De bijen moeten zich invliegen en de laatste honing moet ingedampt worden.

Besprenkelen

Als de dag van het ‘slachten’ is aangebroken, dan besprenkelt u de bijen eerst rijkelijk met suikerwater. (Dat ‘slachten’ werd ooit volstrekt letterlijk genomen. Vandaar de aanhalingstekens. Ooit werden álle bijen vermoord van de korven waaruit men de honing wilde halen. Men deed dat met turfblokken, maar vooral met zwavel. Ook werden de bijen wel verdoofd met bovisten (paddestoelen) of salpeter.) Zet de korf terug en wacht laat ons zeggen vijf minuten. Ondertussen brengt u andere zaken in gereedheid. U steekt de beroker aan en u zoekt wat proppen voor de vlieggaten. U zoekt de ijzeren krammen en u pakt een geschikte korf waar de afgebotste bijen in kunnen vallen. Die korf heeft geen spijlen aan de binnenkant. Verder kunt u gebruik maken van een autoband en van een reisriem.

Als alles klaarstaat, dan neemt u de eerste korf van zijn plek. U heeft wat rook in het vlieggat geblazen en u heeft de korf dichtgestopt. De korf die ernaast staat, schuift u een klein stukje op, zodat de bijen van twee volken op dezelfde korf vliegen. Straks gaan we hoe dan ook twee volken verenigen. Dat worden óf twee ‘naakte’, dus afgebotste volken, óf één ‘naakt’ volk dat op een volk met uitgebouwde raten gegooid wordt. In het laatste geval zal het vaak gaan om een oude moer die begin mei afgejaagd werd.

Als u straks de korf die u een beetje heeft opgeschoven óók wil afjagen, dan plaatst u tegen die tijd op die plaats een fopkorf, een lege korf met het doel dus om de bijen die terugkeren uit het veld niet te laten ‘verdwalen’.

Botsen

Dan wordt de bevolkte korf bovenop de lege geplaatst. U ziet erop toe dat er geen gaten en kieren tussen de beide korven zijn. U kramt de beide korven stevig op elkaar vast. Daarna bindt u een reisriem om de beide korven. Die reisriem is uw ‘handvat’ tijdens het leegbotsen.

U pakt de reisriem met twee handen hoog vast en u begint in een snel ritme te botsen, door het bouwwerk twee decimeter op te tillen en met kracht op de grond te laten vallen. Ik bots vaak wel tachtig keer.

Als dat gedaan is, dan maakt u de reisriem los en u trekt de krammer eruit en tilt de bovenste korf van de onderste. U zult zien dat bijna alle bijen van de raten gevallen zijn, om een paar bijtjes na. Deze laatste bijen moeten worden afgezwaveld, net als het restantje broed. Strikt noodzakelijk is dat misschien niet, maar als u de nodige korven heeft leeg gebotst en u laat het afzwavelen achterwege, dan zit straks u werkruimte waar u de honing gaat persen helemaal vol met bijen. Het is om horendol van te worden.

Naakte volken

Het naakte volk in de lege korf kan nu verenigd worden met een ander naakt volk. Gooi beide naakte volken in een gespijlde korf met voorbouw en winter het volk in een paar weken tijd in met veel suikerwater. Het verbaast u wellicht om te lezen dat dit mogelijk is, maar het is zeer goed mogelijk. Dit soort volken overleven de winter uitstekend. Anders gooit u het naakte volk op het volk met uitgebouwde raten dat ernaast stond, zoals hierboven al gezegd. Het is slim om zowel het ontvangende volk als het naakte volk royaal te besprenkelen met suikerwater, zeker als het ene volk wel op de heide gestaan heeft en het andere niet. Veel imkers vermoeden dat in dat geval de kans op vechtpartijen groter is.

Afzwavelen

Het afzwavelen van bijen kan nog steeds rekenen op grote afkeuring onder imkers. Ik wil dat uiteraard tegenspreken. Het gaat om zeer weinig bijen en ook de hoeveelheid broed valt na de heide tegen. Vaak zijn de moeren van de leg geraakt en is het broednestje gekrompen tot enkele vlekjes ter grootte van een handpalm, verdeeld over drie raten. Bovendien heeft de korfimker al lang de ‘opzetters’ klaar staan, oftewel de volken die de winter moeten gaan overleven. De bijen die afgebotst worden dienen vooral ter versterking van deze opzetters, maar ook zonder hadden de wintervolken zich wel gered. Ook zie ik niet in hoe iemand de bezwaren kan rechtvaardigen, als die iedere dag vlees eet en leren schoenen draagt. Bezwaren tegen afzwavelen is meer iets voor strikte veganisten, maar die mensen moeten vermoedelijk toch al niets hebben van bijenteelt. Kalmeer, collega’s. Denk liever zelf na dan dat je opa nakletst.

U plaatst voor het afzwavelen een schoteltje in de plat op de grond liggende autoband. U neemt een half strookje zwavel, ik bedoel de strookjes die in de bijenhandel te koop zijn. Voordat u het strookje aansteekt, bindt u een schuingevouwen vochtige theedoek over uw neus. U ziet er nu uit als een struikrover uit een Lucky Luke-strip. Deze vochtige doek moet de giftige damp weghouden van uw luchtwegen: zwavel is gemeen spul.

U steekt het strookje aan met een aansteker en u legt het strookje op het schoteltje. Dan plaatst u de korf op de autoband, boven de zwaveldampen. U zou een vergiet of een zeef over de brandende zwavel kunnen plaatsen, zodat er geen dode bijen op de brandende zwavelstrook vallen, waardoor de vlammen kunnen doven. Vaak loopt dit desondanks niet zo’n vaart.

U laat de zwaveldampen zeker vijf minuten door de ontbijde korf wervelen, voordat u die weer van zijn plaats neemt. Houd de vochtige vaatdoek voor uw gezicht als u dat doet, want er zullen flinke zwavelwolken opstijgen. Dus neem met de afgezwavelde korf in de hand meteen enige afstand. Pfoe! Meuren! Doek nu de korf op en leg hem op zijn kant: hij moet uitwasemen.

Raten uitbreken

Als alle uitgekozen korven op dezelfde manier geslacht zijn en uitgewasemd zijn, dan gaan we de raten eruit breken. Dat doet u door met een rubberen tenthamer de spijlen eruit te slaan. Een rubberen hamer heeft de voorkeur, omdat u daarmee het vlechtwerk wat meer ontziet dan met een ijzeren hamer. Met een tang trekt u de spijlen er helemaal uit. Ze zitten onder de honing, dus hou daar rekening mee.

Dan moeten de raten eruit gebroken worden. Misschien zijn die raten al bijna los, door het gebeuk met de tenthamer en het gesjor aan de spijlen. Voor alle zekerheid gaat u toch maar wijdbeens staan, waarbij u de korf aan uw verticaal gestrekte armen laat bungelen. De raten staan in liggende stand, dus het vlieggat wijst opzij. U laat vervolgens de korf van enige decimeters hoogte los. Zodra de korf de grond raakt, schieten alle raten los. Ze zullen een keurig stapeltje vormen. Ik heb ooit wel eens een oude zwart-witfilm gezien waarin je de imker zijn knie op de afgezwavelde korf zag plaatsen. Dan wordt de korf een ei en dan breken de raten ook mooi los. Meerdere wegen leiden naar Rome, zoals bijna altijd in de bijenteelt.

Raten uitzoeken

Als de raten van hetzelfde jaar zijn, dan kunt u op zoek gaan naar mooie witte raathoning. Vaak zult u spierwitte stukken aantreffen, waarin desondanks ‘pitten’ zitten: cellen waarin de bijen zeer tegen uw zin stuifmeel hebben opgeslagen. U ziet die cellen meteen als u het stuk raat tegen het licht houdt. Gewoon met een zakmes rigoureus wegsnijden en als het even kan met de beschadigde kant naar beneden leggen in het doorzichtige schelpbakje. Niemand die er iets van merkt, al helemaal niet wanneer u een stuk heideraathoning overgiet met dunne, heldere acaciahoning, zoals een de professional wel eens doet.

De korven die ik slacht hebben raten die de winter hebben uitgehouden. Ze zijn dus van het vorige jaar. Daardoor zijn ze zeer stevig geworden en dat zal ertoe bijdragen dat het leegbotsen bij mij altijd goed gaat. In alle eerlijkheid: ik heb nog nooit een korf leeggebotst met raten van hetzelfde jaar. Toch denk ik wel dat dat goed gaat. In kasten met losse bouw zie je hoe snel de raten donker kleuren en dus stevig worden.

Dus u kiest de stukken raathoning uit, als de gelegenheid zich aandient, maar bovenal kiest u de ‘witte stukken’ voor de pers. Onthoud: pers alleen de witte stukken! Dat is een vuistregel, dus het ligt misschien iets genuanceerder. De witte stukken bevatten zeker geen stuifmeel en daarom zijn ze geschikt voor de pers. Donkere stukken bevatten vaak wel stuifmeel en die perst u liever niet. Stuifmeel geeft uw pershoning een onaangename smaak. Niet doen! De stukken bijenbrood, dus de stukken waar veel stuifmeel in zit – opa noemde die stukken ‘kaaien’ – zijn geschikt voor de mede, of u perst de honing eruit, verdunt die met water en voert hem terug aan de bijen. Wel lekker laat op de avond voeren en wéinig voeren zodat de bijen het makkelijk op kunnen in de nacht, want eind september honing voeren is smeken om roverij.

De stukken broed perst u uiteraard niet. Dat had u begrepen. U heeft allemaal bakken en emmers klaar staan om de restanten in op te vangen: de stukken broed, de kaaien, de perskoeken (de uitgeperste raat). De kaaien perst u als laatste, als de goede honing in de emmers zit. U geef u ter overweging mee dat u de pers ook kunt gebruiken om appels en peren te persen. Versterk appel- en perensap met honing en maak er een geweldige mede van!

Persen

Persen doet u met een perszak. Die laten zich van allerlei materialen maken, maar veel materialen verdragen de krachten niet. Zo wordt wel eens het gebruik van een kussensloop aanbevolen, maar die scheurt volledig aan flarden bij de eerste persgang. Maak liever zelf een goede perszak van het soort plastic aardappelzak-achtige materiaal dat ze gebruiken in het park- en tuinplantenbedrijf, om planten te beschermen tegen zon en wind.

U moet de perszak vullen tot ongeveer drie kwart. In totaal moet u hem twee keer keren. Na de eerste persgang is de perskoek ongeveer een decimeter dik geworden. U zet de perskoek op zijn kant, perst hem uit en zet hem nog een laatste keer op zijn kant. Uiteindelijk houdt u plakken was over waarin onmogelijk nog honing kan zitten. Die zit er nog wel in natuurlijk, maar erg veel kan het niet zijn.

Zeven

U zeeft honing met een panty. Als u een vrouw bent, dan koopt u die zelf. Koop de aller fijnste panty’s. Als die bij wijze van spreken het stuifmeel eruit weten te zeven, des te beter. Als u een schijterige man bent zoals ik, iemand die echt niet gezien wil worden in de pantywinkel, dan stuurt u uw echtgenote eropuit. Knip de beide broekspijpen eraf en span één broekspijp om de vier schroefpunten zoals ik laat zien in de video. Mik de honingstraal in de broekspijp. Als alle raten geperst zijn, dan windt u de panty om een stok. Die stok bevestigt u aan de rand van een tafel met een houtklem. Zodat ie rustig kan uitlekken. Vaak raakt de panty verstopt en dan wringt u de honing eruit met uw blote handen.

Kristalliseren

Denk erom dat deze geperste korfhoning snel kristalliseert! De reden zal zijn dat hij veel deeltjes bevat waar de kristallen zich makkelijk aan kunnen hechten. Deze honing zou wel eens heel geschikt kunnen zijn voor de crèmehoning! Ik heb het nog nooit gedaan, maar al schrijvende, ontstaan de plannen… Elders op mijn site leg ik uit hoe je crèmehoning maakt.

Na een maand ongeveer is pershoning uit de korf beton geworden. Misschien dat het bij kamertemperatuur ietsje langer duurt, maar niet veel langer. Als het zo ver is, dan zet u de betonemmer in de Weckketel op ongeveer 35 graden Celsius. U laat de emmer staan totdat de inhoud weer mooi vloeibaar is geworden. Mijn ervaring is dat het na deze behandeling wat langer duurt voordat de honing opnieuw kristalliseert.

Geef een antwoord

negentien − achttien =