Interview Rob van Hernen

Op maandagmiddag 11 november 2019 interviewde ik Rob van Hernen, die de korfimkerij groot en serieus aanpakt. Ik kende Rob al een tijdje, al ben ik vergeten waarvan precies, van het imkersforum, geloof ik. Hij vroeg mij ooit om zijn toegelichte vertaling van Die Hauptstücke van Lehzen en Knoke (1922) te redigeren. Dat heb ik vlijtig gedaan, maar van publicatie is het nog niet gekomen.

Ik wilde vooral het een en ander weten over het gedrag van zwermen en Robs omgang daarmee. Bovendien besloot ik een aantal zaken uit dit boek voor te leggen aan hem. Het lokte nogal ontnuchterende en relativerende reacties uit. 

Enfin, graag uw aandacht voor de levende korflegende Rob van Hernen, die werkt met een grote collectie Duitse korven. Hij heeft overigens vooral Kanitzkorven in gebruik, met de toevoeging dat er verschillende korven onder die naam bekend zijn.

Ik vind dat het vlieggat in een korf hoog moet zitten, omdat ik ermee reis en omdat je er dan van onder wat van kan oogsten. Als het vlieggat in het midden zit, lukt het ook nog wel. Op de hei kan het zo snel gaan, dat de bijen de honing ook rustig onder het broednest opslaan. Dan kunnen ze niet anders.

Waar haal je de mest vandaan voor je korven? (Rob bedekt al zijn korven met mest.)

Uit de wei. Bij voorkeur mest van april en oktober. Je hebt allerlei soorten koeien; ze krijgen kuilvoer of ze vreten gras of een mengsel van van alles. Vroeger stonden de koeien ’s winters op stal en als ze dan in april naar buiten mochten en ze begonnen gras te eten, dan gingen ze meteen aan de schijterij. Die dunne mest moest je hebben. Die heeft ook een mooie, donkere kleur. Maar kijk je naar beesten in de vrije natuur, dan zie je dat ze droge, harde stront produceren en die moeten we niet hebben.

Tegenwoordig maakt het me eigenlijk niet zo veel meer uit: alle schijt is dun. Je kan er een wetenschap van maken, maar als ik het nodig heb, verzamel ik het. Later in het jaar krijg je vezels in de mest en dan verandert de kleur. Als het zo uitkomt, heb ik alle korven het liefst ingesmeerd met dezelfde mest: dat ziet er wat netter een eenvormiger uit. Ha ha!

Doe je nog wel eens iets met onderzetranden?

Als ze die nodig hebben, plaats ik die. In het voorjaar als ze snel groeien. Maar in de zwermtijd ga ik geen randen meer plaatsen. Als je er dán randen onder gaat zetten, dan zou je het zwermen kunnen uitstellen en dat wil ik niet. Als de zwermtijd voorbij is en ze groeien weer hard, dan plaats ik weer randen, als ze daaraan toe zijn. Geen belemmeringen tot de hei!

Ik verwijder de ringen niet altijd als ik naar de hei ga. Dat hangt van het volk af. Ik neem álles mee naar de hei, ook de opzetters met de jonge moeren. Die opzetters wil ik met veel broed de winter in sturen en dat broed ga ik dan niet beperken natuurlijk.

Jaag je wel eens? Want in principe laat je de bijen zwermen, toch?

O ja hoor, ik jaag wel eens. Op zeker moment heb ik geen zin meer om op de zwermen te wachten. Die zwermen komen in mei en juni massaal af en die zwermen die vroeg afkwamen, willen eind juni vaak weer. Maar dan zit je op twee zwermen per dag te wachten of zo, of zelfs maar eentje. Dan maak ik jagers. Als ik jaag, dan heb ik de boel openstaan, dus met het jaagvat schuin op de korf, met een groot gapend gat tussen beide korven. Ik let er eerlijk gezegd niet zo op of het broednest naar me toe gekeerd is of niet. Ik zal er eens op letten!

Misschien maakt het wel verschil, want de ene keer lopen ze meteen en de andere keer doen ze niks en dan kun je wel stoppen. Als ze niet willen lopen, vergeet het dan maar. Daarom jaag ik ook het liefst met open korven, zodat ik zie wat er gebeurt. Misschien komt dat wel door al die rasbijen met die stevige raatzit van tegenwoordig; veel bijen plakken aan de raten. De beste korfbijen zijn eigenlijk de bijen die meteen naar de hoekjes van de ramen rennen, zodra je een raam uit een kast haalt.

Gek genoeg kan het me eind juni, begin juli niet schelen of de moer meekomt of niet. Ik jaag vaak de moeren af die opnieuw willen zwermen en tegen die tijd heb ik alweer jonge, bevruchte moeren. Die zitten in kirchhainers. Die kastjes heb ik nog uit een vorig leven. Als de moer nou niet meekomt met de jager, dan merk je dat gauw genoeg. Geen nood, dan doe ik er een moer uit een bevruchtingskastje bij. Als je dat zwermlustige volk veel bijen hebt afgenomen, dan zwermen die ook niet meer.

Bewaar je wel eens korven met een vel? Gooi je daar wel eens een zwerm op?

Waarom zou ik? Dan zit je met een aantal dingen. Dan moet je ze met raat en al bewaren, waar laat je dat? Ik bewaar ze vaak in de buitenlucht en dan komen de muizen erin; bewaar je ze binnen dan komen de wasmotten erin. Het gebeurt hoogstens bij het uitbreken van de raten in september wel eens dat je de raatresten laat zitten om er een paar naakte volken op te gooien. Die raatresten zitten dan mooi in het verband en er zit nog mooi wat honing in voor de eerste ratenbouw. Dat helpt wel, want dan blijven ze er ook beter in.

Doe je wel eens drijfvoeren in het voorjaar?

Vóór de zwermtijd niet. Dat zijn de verhalen van de mensen die de bijen bij huis hadden vroeger en ik heb ze niet bij huis. Dan kan ik ’s avonds naar de stal om ze te gaan drijfvoeren. Bovendien, ik verhuur ze ook, dus ik heb er ook helemaal geen kijk op en ook geen belang bij dat ze allemaal tegelijk zwermen. Ik heb liever dat er wat verschil in zit, anders komt het allemaal te veel in eens. Het is wel zo dat ik ga voeren als de bijen weer thuis staan en een paar korven willen niet zwermen; die voer ik dan. Bovendien worden sommige korven tussen de paardenbloemen en de acacia’s wel eens gevaarlijk licht, helemaal als de acacia’s weer eens niks doen. Maar zelfs dan geef ik geen kilo’s: de natuur moet het doen.

Trek je de volken wel eens gelijk? Dus omzetten in het voorjaar, zodat ze even sterk worden?

Ik heb er slechte ervaringen mee. Ik moet eerlijk zeggen, het was in de zomer, dus ik weet niet hoe het in maart, april functioneert. Ik heb het gedaan met zwermen, dus dat ik zwakke tegen sterke omzette. Oppervlakkig gezien werkte het, maar wat mij opviel was dat het kleine volkje dat heel veel vliegbijen kreeg, niet groeide en vier weken later toch weer zwermde. Dus ik had niks bereikt. Ik had kennelijk grote disharmonie veroorzaakt.

Je loopt het risico dat de vliegbijen allemaal op de korfwand gaan zitten. Die willen niet mengen met de oorspronkelijke bijen; ze verenigen zich niet echt. Die eenheid komt niet. Er is geen harmonie, dus gaan ze weer zwermen. Da’s dus niet slim. Wat ik wel mooi vind, dat is het omvoeren met een bord dat je hebt ingesmeerd met honing.

Gaat dat niet veels te langzaam?

Jawel, maar daarom werkt het juist zo goed. Maar dan moet je de bijen wel bij huis hebben. Versterken doe ik eigenlijk pas in september. Dan wil ik wat slappe volken wel eens extra bijen geven, anders niet.

Ze zeggen altijd, als die doppen gesloten worden, dan komt de voorzwerm af. Of is daar toch wel iets op af te dingen?

Hou dat toch maar wel aan. Bijen lezen geen boekjes, dat weten we. Een voorzwerm is een explosie. Een voorzwerm heeft weelde nodig. Die neemt heel veel voedsel mee. Hij komt altijd met mooi weer.

Bij het vlieggat zie je het niet per se dat de voorzwerm gaat afkomen. Dat wordt wel gezegd en soms klopt het ook wel, maar niet per se dus. Vaak gaan ze rennen rond het vlieggat en dan komt de voorzwerm af, maar dat zit allemaal heel kort op elkaar. Dan is het minutenwerk. Je hoort ook wel dat ze eerst een baard vormen en dat dan die baard kort voor het zwermen verdwijnt, omdat alle bijen naar binnen zijn om voer op te nemen. Dat gebeurt wel eens ja, maar vaak gebeurt het ook niet. Nee, ik durf er geen wetmatigheden in aan te wijzen. Je moet gewoon heel erg opletten.

Durf je iets algemeens te zeggen over de tijd tussen voor- en nazwerm? Hypothese: minimaal zeven, maximaal twaalf dagen!

O nee, kan nog veel langer duren. Het kan wel zestien dagen duren, soms zelfs nóg langer. Tussen tuter en nazwerm zit nooit veel tijd. Als je een tuter hoort, dan moet je echt oppassen. Als je een tuter hoort, dan is het serieus.

Kunnen volken meerdere nazwermen geven?

Tijdens mijn eerste jaar dat ik zwermimkerde, heb ik ze volledig laten uitzwermen. Ik denk dat ik vier zwermen per volk had, dus één voorzwerm en drie nazwermen. Soms gaf een volk zelfs twee nazwermen op dezelfde dag. Ook een mooi geval was een volk dat vijf dagen achter elkaar elke dag een nazwerm gaf, toen twee dagen niet en toen kwam er nog een; inclusief voorzwerm zeven zwermen!

Ik heb vaak de aantekening gemaakt: ‘Volk heeft zich kaalgezwermd.’ Dus dan denk je dat er echt geen moertje meer in zit. Toch ging het goed. Een volk zwermt zich niet zo gauw kapot, vanuit de biologische optiek; vanuit onze optiek misschien wel. Kijk, als ik vijftien kilo heidehoning wil hebben, dan zwermt zo’n volk zich kapot ja. Maar een volk kan ook met drie kilo honing de winter overleven, als het maar klein genoeg is.

Hoe kun je een volk ‘abschaffen’, zoals de Duitsers zeggen, dus hoe kun je het nazwermen stoppen? Korf op z’n kop zetten?

Neuh, al die foefjes die in die boeken beschreven worden, doe ik niet. Een voorwaarde is, dat een volk flink gezwermd heeft. Dan is het weinige wat je doet al genoeg. Dus dat is de reden dat je twee nazwermen per volk pakt, als dat kan. Soms komen die niet, maar probeer wel die twee nazwermen te pakken.

Als een volk vroeg gezwermd heeft en twee nazwermen heeft gegeven, dan begin ik met de darrenraat weg te snijden, vol of leeg, maakt niet uit. Vaak heb je dan al zo veel zicht op de rest van de korf, dat je de moerdoppen kunt zien. Dan breek je die weg. Meer doe ik niet. Doppen breken in de korf lukt heel aardig, als je maar zwermcellen hebt die aan de randen van de raten zitten en niet er midden op. Er komt ook wat vakmanschap bij kijken, omdat de vakman weet waar die moet zoeken: ook rondom de spijlen bijvoorbeeld en hoog in de korf aan de vlieggatzijde. Doppen breken is ook een goede reden om die raten te richten trouwens, anders zitten ze veels te goed verstopt.

Je kunt ook de eerste nazwerm op de plaats van de oude korf zetten, de ‘moederstok’, en de moederstok koud zetten, dus elders op de stal, waar ze zich opnieuw moeten invliegen. Die moederstok geeft echt geen nazwermen meer. Je moet daar wel mee oppassen, vind ik, omdat je zo de boel nogal forceert. Je onderdrukt als het ware de natuurlijke zwermbehoefte. Daardoor kun je later in het seizoen alsnog rare problemen krijgen.

Op elkaar vliegende zwermen, hoe ga je daarmee om?

Nazwermen is niet zo’n probleem, maar twee voorzwermen, dan ben ik niet zo blij. Ik probeer het gewoon voor te zijn door de zwermen telkens af te vangen met zwermfuiken.

Op een gegeven moment zie je niks meer. Als ik hier tweehonderd volken bij elkaar heb staan, en de volken zijn sterk en het is mooi weer, dan zie je bij het ene volk allemaal jonge bijen voorvliegen en bij het andere volk komt de bruidsvlucht op gang en dan komen er ook nog zwermen af en dan zitten er ook nog volken tussen die voor de zoveelste keer zwermen. Een heel late nazwerm, vaak niet meer dan een koffiebekertje bijen, kan vijfentwintig minuten lang komen. Die zie je echt niet vertrekken. Maar als die moer ergens gaat zitten en je let verder niet op; het trekt wel allemaal op elkaar. Dán is dat op elkaar vliegen niet erg. Maar als ze groot zijn, dan is het niet zo leuk. Ik probeer dat met de fuiken voor te zijn.

Ik weet nog dat ik op korven kleine moerroostertjes aanbracht tegen het nazwermen, maar daar kropen de jonge moertjes toch doorheen kennelijk. Zo kwam er ondanks die roostertjes een megapannenkoek bijen op een muur terecht. Die megazwerm probeerde ik te verdelen over acht korven. Achteraf was vijf meer dan genoeg geweest. Vaak overschat je de omvang van zwermen.

Laat je gedachten eens gaan over wat jij altijd noemt de ‘tweede zwermperiode’ in juli, dus de periode waarin de oude moeren nog eens willen zwermen.

Nu kun je korven best koud zetten na de maagdenzwerm. Hebben we het over ‘bijenhouden’ of over methoden die honing moeten gaan brengen? Kijk, al die zwermen zijn levensvatbaar. Al die theorieën hoe groot die volken moeten zijn en hoeveel voer… Ze kunnen met drie, vier kilo de winter doorkomen. Dat vloekt met alle boeken. Maar, wat wel klopt met de boeken, als jij een volk hebt dat met vier kilo de winter doorkomt, dan moet je niet denken dat je daarmee veertig kilo koolzaadhoning kan oogsten. Dan moet je denken aan een groot volk dat vijftien of twintig kilo wintervoer had. Die gaan dat presteren. Die kunnen ook op grond van hun voorraad in maart al heel veel broed aanzetten. Als je weinig hebt, dan ga je op de spaarstand leven en zo werkt het met bijen ook. Bijen kunnen dat heel goed.

Heb je vaak maagdenzwermen?

Gelukkig wel. Ik zet ze gewoon opnieuw op. Ik doe geen moeite om het tegen te houden, tenzij de maagdenzwerm heel laat afkomt. Dan maak ik een jager. Omjagen is vaak niet nodig. Je trommelt een oudemoersvolk af, je doet de moer terug en je laat de bijen inlopen bij een ander volk.

Share this post

Geef een antwoord

5 − drie =