Jonge moeren in leven houden

Als je een volk heb met uitlopende moeren, dan zou het heel goed mogelijk zijn om de nodige moeren in leven te houden, totdat blijkt dat er een volk moerloos is geworden; dan heb je nieuwe moeren op voorraad. Toch is het allemaal niet zo gemakkelijk. Ik moet op dit punt nog de nodige experimenten ondernemen, maar ik boek vooruitgang.

Lang geleden, in het korventijdperk, schijnt men soms alle jonge moeren uit een nazwerm gezocht te hebben – hoe krijg je het voor elkaar. Vervolgens werd iedere moer in een moerkooitje gestopt, die destijds ook wel werden gemaakt van een stukje uitgeholde vlier. Die kooitjes waren altijd voorzien van een punt, zodat het kooitje in de korfwand kon worden gestoken. Als je nou een moerloos gemaakte zwerm in een korf stortte, met de nodige onbevruchte moeren in kooitjes aan de binnenkant, dan zouden ze moeren langere tijd in leven gehouden hebben. (Maar hoe lang?)

Met dit soort kennis in het achterhoofd, ondernam ik onlangs weer een experimentje. Ik had een zwerm in een lattenkast die opnieuw zwermneigingen vertoonde. Toen ik de kast inspecteerde, was de moer al niet meer in leven, getuige de afwezigheid van eitjes en larfjes. Nochtans doppen genoeg. Het kan ook zijn dat ik te maken had met een moer op leeftijd die gewisseld werd. Misschien is dat het waarschijnlijkst, omdat dat de afwezigheid van de moer beter verklaart.

Ondertussen had ik een korf in een vergelijkbare toestand. Ik nam er twee moeren van en stopte ze in kooitjes; de een in een krulspeld, de ander in een Nicotkooitje (Zie foto). Ik legde beide moeren op de bodem van de lattenkast. De geboorte van de moeren in die kast zou nog wel even op zich laten wachten. De krulspeldmoer werd van maandag tot en met vrijdag netjes verzorgd en in leven gehouden. De andere trof ik vrijdag verkommerd aan. Ik besloot de doppen te breken en de korfmoer erin te laten lopen, waarmee de bijen het zo te zien roerend eens waren.

Zwaluw

Ik heb dit soort dingen vaker geprobeerd, maar ze mislukten telkens weer. Ik kan dat slecht verklaren. Ik hou het erop dat de moeren soms niet goed zijn, zoals ik ook dit seizoen de ingeving kreeg dat mislukte bruidsvluchten vooral toe te schrijven zijn aan matige moeren, en niet aan een voorbijvliegende zwaluw. Ook al zo’n eindeloos nagekletst imkersverhaal. Ik weet zeker dat op bijna iedere beginnerscursus die zwaluw voorbijkomt.

Ik zal nooit vergeten dat ik eens met een Duitse imker stond te praten die ook wel eens moeren in leven hield op deze manier. Hij vertelde dat de bijen vanzelf de beste moeren kiezen en die verzorgen: de prutmoeren worden genegeerd en sterven. Zou dat een mooie manier zijn om de kwaliteit van moeren te bepalen? Om het succespercentage van je bevruchtingskastjes op te krikken?

Ik moet op dit gebied nog veel gaan uitzoeken…

Share this post

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin
Share on pinterest
Share on print
Share on email
Share on whatsapp
Share on email

Geef een antwoord